Twee broers, één gedeelde passie en een koninklijke onderscheiding
Op de webiste van Survivalrunbond Nederland is het volgende artikel verschenen:
Twee broers, één gedeelde passie en een koninklijke onderscheiding
Een dag om niet snel te vergeten. Dat werd 8 maart 2026 voor Harrie en Theo Posthumus. Tijdens de survivalrun in Kootstertille ontvingen de broers uit handen van burgemeester Jouke Douwe-de Vries een koninklijke onderscheiding. Beiden zijn benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau, als erkenning voor hun jarenlange inzet voor survivalrun, zowel binnen de trainingsgroep als in de wedstrijdorganisatie van Kootstertille.
Duidelijkheid. Humor. Betrokkenheid. Met die woorden werd Theo geprezen toen hij zijn koninklijke onderscheiding ontving. Zijn oudere broer Harrie werd omschreven als een enthousiaste gangmaker die anderen moeiteloos weet te motiveren. Waar broers en zussen nog weleens botsen, is daar bij Harrie en Theo nauwelijks sprake van. Integendeel: ze zijn twee handen op één buik. De één richt zich vooral op survivalrun-trainingen, de ander op de organisatie en het bouwen van hindernissen. Samen vormen zij de drijvende kracht achter wat inmiddels is uitgegroeid tot een bloeiende sport in Kootstertille.
Leeuwarden
Het was Theo die de sport als eerste ontdekte. “In 1994 deed ik mee aan de survivalrun in Leeuwarden. Ik dacht meteen: waarom bestaat deze sport niet al langer? Ik hield van klimmen en klauteren, van ploeteren door modder en water. Toen ik over survivalrun hoorde, wist ik direct dat ik het wilde proberen. De looponderdelen waren niet mijn favoriet, maar bij de hindernissen kon ik me volledig uitleven. Na die eerste keer was ik verkocht. Er waren toen nog maar negen runs per seizoen en voor zo’n 225 gulden kon je je inschrijven voor allemaal. Dat deed ik dus ook meteen, want dit was gewoon mijn sport.”
Toen Harrie zijn broertje kwam aanmoedigen tijdens een wedstrijd, begon ook bij hem het virus te kriebelen. “Het afzien, dat is wat mij zo aantrekt aan deze sport. Ik heb een vriend uit Amerika en hij vertelde dat er twee niveaus van plezier zijn. Instant pleasure zoals een bezoek aan een theater. Of het plezier dat komt na een enorme inspanning, wanneer je na het ploeteren en nadat het gelukt is denkt: ‘dit voelt toch wel heel goed’. Dat is voor mij het plezier van survivalrun. Ook al mis ik tegenwoordig wel die echte sloophindernissen. Zo moest je vroeger met een autoband over zandheuvels rennen. Dan was je echt compleet gesloopt en dan was je nog niet eens halverwege de run. Dat vond ik echt geweldig en dat mis ik af en toe wel. Ook al ben ik vooral blij dat ik überhaupt nog altijd mee kan doen met de runs.”
Opzetten traingingsgroep
De broers hadden de smaak goed te pakken en toen de kinderen van Harrie hun vader en oom in actie zagen, wilden ze survivalrun ook eens proberen. En na hun eerste survivalrun waren de kinderen ook helemaal verkocht. Maar ja, toentertijd waren er nog geen trainingsmogelijkheden in Kootstertille. Dus besloot Harrie om zelf wat te organiseren. In zijn eigen tuin met wat touwen. Zijn kinderen waren enthousiast en al gauw kwamen vriendjes mee. Toen kwamen klasgenoten mee en buurkinderen en zo werd de groep steeds groter. “En toen stond ik daar opeens met veertig kinderen in de tuin!”, grapt Harrie. “En dat werd toch wel een beetje te veel dus moesten we opzoek gaan naar een andere locatie.”
En dat werd het park om de hoek. Samen met Theo en zijn vrouw zette hij de trainingen op en de groep werd steeds groter. Steeds meer jeugd en ook volwassenen ontdekten survivalrun in Kootstertille en zo kwam uiteindelijk de trainingsgroep Stichting Survival Kootstertille tot stand. Theo: “Toen we begonnen, was dat helemaal niet wat we in gedachten hadden. We begonnen gewoon met het organiseren van trainingen en als een olievlek werd het steeds groter.”
Wat voor de broers altijd centraal heeft gestaan, is dat survivalrun in Kootstertille toegankelijk moest blijven voor de jeugd en dus ook betaalbaar. Harrie: “Bij onze trainingsgroep betaalt een jeugdlid slechts 35 euro per seizoen. Daar staan wel een paar voorwaarden tegenover. Zo helpen ouders minimaal één keer per seizoen mee tijdens een klusdag, leveren ze een vrijwilliger aan voor de jaarlijkse survivalrun en steken ze een dag de handen uit de mouwen tijdens één van de bouwdagen. Op die manier houden we het betaalbaar én bouwen we tegelijk aan een hechte gemeenschap.” Theo vult aan: “Het is belangrijk dat ieder kind de kans krijgt om te sporten. Wij zijn zelf ooit begonnen met het trainen van jeugd en we willen dat de jeugd kan blijven survivalrunnen in Kootstertille, ook als er minder financiële middelen beschikbaar zijn. Daarnaast hebben we het geluk dat we in Kootstertille kunnen rekenen op veel betrokken mensen. Dankzij die inzet kunnen we de contributie voor de jeugd ook laag houden.”
SBN
Beide mannen hebben hun sporen verdiend als trainers, maar ook als bestuursleden. Zo is Harrie voorzitter geweest van Stichting Survival Kootstertille, een functie die Theo sinds 2012 bekleedt. Daarnaast zijn ze beiden actief betrokken bij het bouwen van hindernissen. Op de trainingslocatie steken ze regelmatig de handen uit de mouwen en ook jaarlijks tijdens de survivalrun zijn ze druk met het opbouwen en afbreken van het parcours.
Ook buiten Kootstertille heeft Theo zich jarenlang ingezet voor de sport. Zo is hij al geruime tijd actief als commissielid voor de SBN. “Ongeveer tien jaar geleden ben ik toegetreden tot de commissie Wedstrijdzaken, de kant van de sport die mij het meest aanspreekt. Wat ik daarin vooral belangrijk vind, is dat we blijven inzetten op veiligheid en kwaliteit binnen de sport. Tegelijkertijd denk ik graag mee over de verdere ontwikkeling van survivalrun. In die periode heeft deze commissie onder meer het systeem met gekleurde shirts ingevoerd. Inmiddels is de rol van commissies veranderd en zijn we meer een klankbord, maar juist dat meedenken maakt het voor mij nog steeds waardevol.”
Waardering
Dat de broers op 8 maart zelf in het zonnetje zouden worden gezet, zagen ze totaal niet aankomen. Theo vertelt daarover: “Ze wisten dat het geen probleem zou zijn om mij op het juiste moment daar te krijgen. Op de dag van de survivalrun heb ik een vrije rol, dus ze wisten: als we Theo bellen, dan komt hij wel. Mijn broer was daarentegen een moeilijker verhaal.” Harrie vult lachend aan: “Ik had besloten om die dag niet zelf mee te doen aan de survivalrun, maar om foto’s te maken, een andere hobby van mij. Vervolgens werd ik gevraagd om jeugdbegeleider te zijn. Dat was de groep van mijn kleinzoon, dus ik dacht: dan doe ik dat toch. Daarna wilden ze opeens dat ik veel eerder aanwezig was en ik dacht: vergeet het maar”, grapt hij nu. “En op een gegeven moment was het gewoon: ‘mond dicht Harrie en meekomen’.” Toen ze uiteindelijk op de locatie aankwamen, begon bij Theo langzaam het vermoeden te ontstaan dat er iets bijzonders stond te gebeuren, al kon hij nog niet precies duiden wat. “Ik zag namelijk heel veel bekende gezichten, maar stond daar op dat moment niet echt bij stil. Achteraf stom natuurlijk, want dat verraadde het eigenlijk al wel.”
Voor de broers is deze koninklijke onderscheiding een mooie waardering. Harrie: “Er wordt natuurlijk gezegd: ‘Het heeft Hare Majesteit behaagd’, maar zo is het natuurlijk niet. Voor een koninklijke onderscheiding moet je echt worden voorgedragen door mensen uit je omgeving. In ons geval zijn dat mensen die van dichtbij hebben gezien wat wij in al die jaren hebben opgebouwd en betekend voor de sport.” Die waardering raakt ook Theo: “Dat juist die mensen dat doen, maakt het extra bijzonder. Het zijn de mensen met wie je het samen hebt gedaan, voor wie en met wie je deze sport hebt opgebouwd. Dat zij dat op deze manier teruggeven, dat is misschien nog wel het mooiste.” Met een glimlach voegt Harrie toe: “En eerlijk is eerlijk: liever nu dan straks tussen zes planken”, grapt hij.

Als ze terugkijken op alles wat er is ontstaan, overheerst vooral verwondering en trots. Theo: “We staan er nooit zo bij stil, maar het is bijzonder wat hier samen is opgebouwd. Onze trainingsgroep telt inmiddels bijna 300 leden en tijdens de jaarlijkse survivalrun komen er zo’n 1500 deelnemers naar Kootstertille om van deze sport te genieten. Daarmee is het uitgegroeid tot het grootste eendaagse sportevenement van onze gemeente.” Tegelijkertijd benadrukken Theo en Harrie dat ze dat nooit alleen hebben gedaan. “Wij hebben de sport naar Kootstertille gebracht, maar daarna is het echt iets van velen geworden. Dankzij alle vrijwilligers, trainers, ouders en betrokken mensen is het zo gegroeid tot wat het nu is. Dat gezamenlijke maakt het misschien nog wel het mooist.”
En stoppen? Daar denken ze voorlopig nog niet aan. Harrie is duidelijk: “Deze koninklijke onderscheiding is voor mij juist weer een extra stimulans. Ik haal nog altijd zoveel voldoening uit het geven van trainingen. Geen enkele training is hetzelfde en dat vind ik juist het leuke eraan: telkens weer de uitdaging en variatie vinden en het plezier op de gezichten zien.” Theo sluit zich daarbij aan en blikt vooruit: “Toen we zo’n dertig jaar geleden begonnen met de sport, hadden we allebei geen idee dat het zo’n belangrijk deel van ons leven zou worden. Wat ik vooral hoop, is dat alles wat is opgebouwd in Kootstertille met de trainingsgroep en de jaarlijkse survivalrun blijft bestaan. En hier willen Harrie en ik, zolang we nog kunnen, ons steentje aan bijdragen.”
Kijk voor meer foto's over dit onderwerp op de fotopagina van de Stertil Survivalrun 2026




























































































